Dorp De Lutte

De Lutte is een klein maar gezellig kerkdorpje van de gemeente Losser, gelegen in de prachtige natuur van Twente.

De omgeving van De Lutte is uitermate geschikt voor fiets- en wandeltochten, de meeste routes lopen over de 'Lutterse bergen', dat zijn kleine bergen die ontstaan zijn in de ijstijd. De bekendste is de Tankenberg (85m), andere bergen zijn de Paasberg, Hakenberg en Austieberg.

 

Andere bezienswaardigheden zijn het Arboretum Poortbulten, een bomentuin met honderden verschillende boomsoorten en het Lutterzand, een natuurgebied met mooie zandverstuivingen aan het kleine riviertje 'de Dinkel'.

En natuurlijk is de gezellige dorpskern met haar cafés een bezoekje waard. In die dorpskern staat tevens de 'Hellehond', een standbeeld (gemaakt door de beeldhouwer Pieter de Monchy) van een hond die vroeger bij de boeren langs de huizen kwam om de dood aan te kondigen door voor het huis van een stervende te blaffen en te huilen.

 


Welkom in De Lutte foto: delutte.com

 

 

Nadat Napoleon het Koninkrijk Holland had ingelijfd bij Frankrijk werden op 1 maart 1811 de Franse wetten ook hier van toepassing verklaard. Ook de bestuurlijke organisatie werd op Franse leest geschoeid. De burgerlijke stand werd ingevoerd en iedereen werd verplicht een familienaam

aan te nemen. De eeuwen oude markegrenzen werden verbroken en Dorp en Marke Losser werden afgescheiden van het richterambt Oldenzaal en werden een zelfstandige gemeente. Zes jaar later werden de marken De Lutte, Beuningen en Berghuizen aan de gemeente toegevoegd.

 

In 1912 werd in De Lutte begonnen met de aanleg van het Arboretum Poortbulten. En hoewel het niet met die intentie werd aangelegd werd het uiteindelijk toch een waardevolle aanvulling op al het natuurlijke moois dat De Lutte zo aantrekkelijk maakt voor toeristen. Vooral na de Tweede wereldoorlog heeft De Lutte zich dan ook ontwikkeld tot het middelpunt van de toeristische activiteiten van de gemeente Losser.

 

Historie

Vóór de Franse tijd bestond Losser uit een aantal marken. De Lutte was eens de machtigste en rijkste marke van Twente. Hier kon men tegen veroordelingen door andere markerichters in beroep gaan.

De marke De Lutte was zó groot, dat zij was verdeeld in vier 'Heurnes', waarvan de namen ook thans nog bestaan, nl. de Rooderheurne, de Molterheurne, de Elfterheurne en de Hengelheurne.


Men had in de marken een eigen wetgeving en rechtspraak (het markerecht), waarin het gemeenschappelijk bezit van de markegrond was geregeld. Hierbij moet gedacht worden aan o.a. het hakken van bomen, de hoeveelheid plaggen die gemaaid mochten worden, het regelen van de waterlopen en het aantal beesten dat er mocht grazen op de gemeenschappelijke gronden.

 

In geschriften van rond het jaar 900 werd overigens reeds gesproken van in De Lutte (toen 'Elviteri') gelegen boerenerven. De eerste bewoners zijn echter van nog vroegere datum getuige de vondsten van urnenvelden op verschillende plaatsen bij Losser en De Lutte.

 

De Lutte kreeg in 1786 een eigen 'kerkhuis' op erve Varwick en in 1799 stichtte men daar een zelfstandige parochie, waarvan B. van Coevorden de eerste pastoor werd.

 

In 1931 werd de eerste steen gelegd voor een nieuwe kerk, die thans nog het beeld bepaalt in het centrum van De Lutte, dat zich als kerkdorp in feite eerst heeft ontwikkeld na de Tweede Wereldoorlog.

Bron: gemeente Losser